Ruimtelijke ontwikkeling Borger Odoorn

De komende 10 jaar zal er in Borger Odoorn sprake zijn van:

  1. vergrijzing en krimp;
  2. schaalvergroting in landbouw, maar ook in andere economische sectoren doorzetten;
  3. is de invloed van het veranderende klimaat onzeker.

De basis voor de ruimtelijke ontwikkeling van Borger-Odoorn wordt gevormd door de kenmerken van het landschap.

Het landschap van de gemeente Borger-Odoorn kent een driedeling op basis van ontstaansgeschiedenis:

  1. Het (noord)westelijke deel wordt gevormd door het Zand op het Drents-Friese keileemplateau en de Hondsrug;
  2. Het oostelijke en zuidwestelijke deel van de gemeente is veenkoloniaal landschap;
  3. Het Hunzedal, het centrale deel, dat grofweg de scheiding markeert tussen zand- en veengebied, is nagenoeg opgegaan in het veenkoloniaal landschap.

Binnen de drie deelgebieden zijn kernkwaliteiten te ontdekken die de landschappelijke basis vormen voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen.

Deze landschappelijke basis is de ‘robuuste laag’ van Borger-Odoorn. De robuuste laag bevat onder andere:

de Hondsrug,

de bos- en heidegebieden,

de openheid van het veenkoloniaal landschap,

de lintstructuren in het veen en de esdorpen.

Hunebed centrum Nederland

In Borger is speciaal een hunebed infomatiecentrum ingericht.

U krijgt hier heel wat informatie over de oudheid en de prehistorie.

Deze gaat terug tot het pleistoceen en het holoceen.

Dit zijn termen vanuit uw aardrijkskunde les uit verleden.

Goede Herderkerk Borger

BORGER – Borger heeft een Goede Herderkerk die deel uitmaakt van de Protestantse Kerk in Nederland.. Als je op de fiets vanuit Gasselte Borger binnen rijdt kun je deze kerk bijna niet missen.. De naam ontleent deze kerk aan het verhaal uit de bijbel.Immers de Heere Jezus is de Goede Herder die Zijn schapen leidt.. Toen ik in Borger was heb ik een foto van de kerk gemaakt die u hierboven aantreft.

Geschiedenis Gasselte Borger Gieten

DRENTHE – In de omgeving van Gieten zoals in Borger, Rolde en Anloo is in de prehistorie al veel gebeurd. Tegen het einde van de laatste ijstijd zwerven rendierjagers door het Drentse land. Op verschillende plaatsen in Drenthe zijn vindplaatsen van vuurstenenwerktuigen.

Na de ijstijd zijn op de hoger gelegen gebieden, zoals de Hondsrug, nederzettingen ontstaan. Het Trechterbekervolk (Hunebedbouwers) vestigde zich in Drenthe. Zij leidden geen zwervend bestaan en begonnen met het verzamelen van ‘eten’.

We weten dat zij in die tijd minder gingen jagen en vissen en meer zaden en bessen verzamelden. Zij starten met veeteelt. Ze hadden geleerd dat je met dieren en planten meer kon doen. Zo konden ze lange tijd de melk van de koeien drinken, de wol van de schapen gebruiken, de dieren voor hen laten werken en daarna hadden ze toch nog altijd het vlees. Feitelijk waren zij de eerste landbouwers van Drenthe.

In de periode tussen 1500 – 500 voor Christus trekken veel volkeren door Drenthe. Toen moet er ook al een nederzetting bij Gieten hebben bestaan. Dit valt af te leiden uit de talloze grafheuvels in het Zwanemeerbos en Bonnerveld evenals het hunebed bij Eexterhalte. Vondsten van aardewerkscherven op de Noord-es van Gieten duiden op het bestaan van een nederzetting op die plek in de Romeinsetijd ca. 200 na Chr.